zoalsdewaardis

WEBSITE EN BLOG VAN LUCAS DE WAARD, SCHRIJVER

Met Geert Wilders naar de Blokker

‘Hallo’, zei de bezorger, ‘Uw buurman is niet thuis. Wilt u dit pakketje misschien voor hem aannemen?’
Dat wilde ik niet, maar ik zei toch ja, want ik ben een nette jongen.
‘Dank’, zei de bezorger, ‘U bent een goed mens’.
Ik wilde hem zeggen dat ik gisteren nog nootjes naar een dronken man had zitten gooien, maar slikte de woorden in. Ik ging naar binnen en zette het pakketje naast mijn strijkijzer. Daar bleef het een paar dagen staan. Ik schreef wat aan mijn nieuwe boek en kookte twee keer coq au vin. Één keer met rode en één keer met witte wijn. Toen besloot ik – het was inmiddels vrijdag – toch eens bij de buurman langs te gaan. Het pakketje stond in de weg. Maar er was geen buurman meer. Het huis was leeg. Door het raam zag ik de betonnen vloer en de vaalwitte muren met wittere vlakken erop. Daar hadden zijn filmposters gehangen.
Thuis zette ik het pakketje op tafel. Ik keek er een tijdje naar, ging er bij zitten en legde mijn voorhoofd er even tegenaan, pulkte wat aan de randjes, scheurde uiteindelijk de tape er vanaf en opende het.
In het pakketje zat Geert Wilders, in kleermakerszit, te midden van wat plukjes stro. Hij keek chagrijnig omhoog. Hij was hooguit veertig centimeter groot. Lees meer… »

KOP

Deze column werd geschreven in opdracht van het Zuidelijk Toneel
in het kader van de voorstelling ‘Waakhonden’ 

 

De journalist kijkt uit het raam. Het regent. Misschien komt het doordat hij net melancholieke jazz heeft opgezet. Hij sluit het niet uit. De winkelstraat onder zijn raam is nagenoeg verlaten, koopavond ten spijt. Waar is iedereen? Hij ziet een oude vrouw met een tas van de Hema. Ze heeft een plastic regenkapje op en beweegt langzaam. Aan de andere kant van de straat een strontchagrijnig stel dat wel of niet de Rituals binnen gaat, ze zijn er nog niet uit. Lees meer… »

VLEK (een literaire romcom)

Dit verhaal verscheen eerder in literair tijdschrift De titaan,
editie #6, 2015

“Zestig procent van liefdesverdriet is vernedering”, zei ooit iemand. Ik weet even niet meer wie. Misschien was ik het zelf wel.

‘Wilt u daar dierenplaatjes bij?’

Ik schud van nee. Ik hoef geen dierenplaatjes. Iemand die op het punt staat in zijn eentje naar een bruiloft te gaan omdat zijn plus one twee dagen geleden stelde niet meer van hem te houden, sterker nog, van een ander te houden; een ander die ook schrijft maar er wél ontzettend veel geld mee verdient, zo iemand hoeft geen dierenplaatjes. Zo iemand wil een handvol pillen wegspoelen met de fles vlekverwijderaar die hij zojuist heeft afgerekend. Boven mijn hoofd bromt een airco. Het klinkt als een klein vliegtuigje en helpt weinig. De hitte zindert naar binnen, elke keer als er iemand door de schuifdeuren komt. Lees meer… »

Pleister (verhaal van 100 woorden)

‘Richard, doe nog eens dat ene’ fluistert Vanessa met hese stem, ‘Dat was lekker’.
‘Dat met mijn duimen?’ vraagt Richard, blij met deze plotselinge wending van de avond, en dat terwijl het niet eens vrijdag is.
‘Ja, dat is echt het lekkerste dat je ooit hebt gedaan!’
Vol goede moed begint Richard te friemelen.
‘Au’, zegt Vanessa, ‘Dat doet pijn.’
‘Sorry’, zegt Richard, ‘Mijn ene duim heeft een pleister.’
‘Bah, haal eruit’, zegt Vanessa boos, ‘Viespeuk.’
Teleurgesteld haalt Richard zijn duimen uit Vanessa en steekt ze onbeholpen omhoog, alsof er iets te vieren is.
‘Ik zie geen pleister’, zegt Vanessa.

Que si que no (verhaal van 100 woorden)

‘Hé, jij bent Jodi Bernal!’, zegt Inge, ‘Van que si que no!’
‘Nee hoor’, zegt de jongen.
‘Wel’, zegt Inge, ‘Ik zie het toch? Wil je met me naar bed?’
De jongen schudt zijn hoofd. ‘Kan niet. Ik heb aids.’
‘Gekke Jodi’, lacht Inge, ‘Wat een onzin! Meekomen jij!’, en ze trekt aan zijn mouw. De jongen valt om en probeert weg te kruipen.
‘Ik ben Jodi Bernal niet! Echt waar niet! Ik heb aids! Ga weg!’
Maar Inge springt op hem. Er komt een oude vrouw langs. ‘Hé, dat is Jodi Bernal’, zegt ze.
Jodi Bernal begint te huilen.

Annabel

Dit verhaal werd geschreven voor en live voorgedragen tijdens
festival Radio Verkade 

 

Er zit een man naast het bed. Naast hem, op de grond, staat een zwarte dokterstas. Hij heeft zijn hand op mijn pols. Zijn huid is ruw en zijn vingers trillen een beetje, van ouderdom denk ik, of misschien is hij ooit ziek geweest.
‘Een grote dosis?’, informeert hij, terwijl hij met zijn andere hand de koffer open klikt. Hij haalt er een injectiespuit uit.
‘Ja’, zeg ik. En ik doe mijn ogen dicht. Ik kan niet tegen naalden. Het prikje is kort en nauwelijks pijnlijk maar het gaat om het idee. Ik hoor hem met zijn vinger tegen de spuit tikken.
‘Waar wil je heen?’, vraagt hij.

Lees meer… »

Ten Oorlog

Deze column werd geschreven naar aanleiding van de voorstelling FRONT van NT Gent en live voorgedragen tijdens het Studiocafé van Theaters Tilburg

Dag Mam,

Hopelijk bereikt dit bericht je in goede gezondheid. Ik zal weten wanneer je het ontvangen hebt dankzij de blauwe vinkjes. Maar je hoeft niet meteen terug te appen. Ik weet dat het thuis ook nogal een toestand is (vrolijke smiley).

Gisteren heb ik geprobeerd te skypen maar ik geloof dat we met teveel op het netwerk zaten. De verbinding was ontzettend kut. Sorry daarvoor. Morgen probeer ik het weer.
Vandaag zijn er veel gevechten geweest. Soms wou ik dat we geweren hadden. Dat zou makkelijker zijn. Maar ja. Wij moeten het nu eenmaal zelf doen, hier. Ik heb een fles stukgeslagen en die aan mijn hand getapet. Het zag er best vet uit.

Het is oorlog. Eindelijk. We dachten dat het niet meer bestond. Lees meer… »

De glorie van anderen

De column werd live voorgedragen tijdens de Tilt Festival Sportkantine

Ik ben de slechtste sporter die u ooit heeft ontmoet. Ik hoor u denken: ‘Niet waar, dat ben ik zelf al’, maar dan moet ik u lelijk teleurstellen. Naast mij bent u een Nikki Terpstra. Jazeker. Een Arjen Robben bent u, een Ireen Wüst, een Epke Zonderland. Zolang u maar dicht bij mij in de buurt blijft.

Eens per jaar betreed ik een voetbalveld. Dan staan er mensen langs de zijlijn te huilen. Ik hol wanhopig van hot naar her, struikel over lucht en ram panklare voorzetten regelrecht de boomkruinen in. Ik met een bal aan mijn voeten, dat is kijken naar een edele sport die langzaam wordt verzopen in een teiltje kokende olie. Het doet denken aan het soort postdramatische theater dat ervoor heeft gezorgd dat half Nederland kunst haat. Lees meer… »

Verhalen van 10 woorden

De relatieve tijd

De tijdreiziger nam een slok melk. Die was over datum.

 

Iets nieuws proberen

Zitten de touwen te strak? Vroeg Hetty. Walther reageerde niet.

Lees meer… »

Wonen in je verleden

Ergens in je hoofd ligt een omver gelazerde archiefkast met herinneringen. Het lijkt alsof er ooit sprake was van een systeem, maar feit is dat het altijd zo’n janboel is geweest. Dingen die belangrijk lijken verdwijnen en duiken nooit meer op, terwijl die ene keer dat je voor lul werd gezet in een lokaal vol gulzig jouwende klasgenoten in de achterzijde van je voorhoofd gebrand lijkt.

Van mijn vijf levensjaren vóór de scheiding van mijn ouders heb ik me lang weinig herinnerd. Flauwekul-flarden, niets met enige vorm van eeuwigheidswaarde. Ik zag mezelf iemand met succes een kwak pudding tussen zijn ogen katapulteren met een plastic lepeltje. Ben nooit vergeten dat als ik mijn pyjamabroek op mijn hoofd zette ik Pironistein heette en een soort superheld was. Maar het alledaagse; gewoon, wij vieren – mijn vader en moeder, mijn zusje en ik; dat verdween samen met de trouwringen god weet waarnaartoe. Het verleden waar je in zou willen wonen vind je maar zelden terug. Lees meer… »

Januari

Goed, ik zeg het maar gewoon. Januari; kunnen we er niet beter mee stoppen? We hebben het geprobeerd, en langdurig ook. Ze kunnen ons niet verwijten dat we het geen eerlijke kans hebben gegeven. Maar het is niet gelukt. Dat heb je soms. Eigenlijk is het een wonder dat die andere elf maanden wél van de grond gekomen zijn.  In dat licht zou je kunnen zeggen dat we die hele Gregoriaanse kalender door de bank genomen prima voor elkaar hebben. Maar je moet ook in staat zijn de zwakke punten te blijven zien. Altijd zoeken naar verbetering. Lees meer… »

MOKKELS

Laat ik het maar gewoon zeggen: ik kom graag op de website mokkels.nl. Voor wie daar nog nooit van gehoord heeft zal ik het even uitleggen. Mokkels.nl is een Nederlands internetforum waarop Nederlandse jongens foto’s delen van lekkere wijven met feestelijke jopen. Die zijn meestal ook Nederlands. De naam is natuurlijk goud. Je weet meteen waar je aan toe bent (hoewel ik bij het woord “mokkels” eigenlijk altijd aan paardenkeutels moet denken, maar dat ligt aan mij en dat snap ik best).

Afijn, ik kom er dus geregeld, op die site. Dat begon jaren geleden. Het was rond de kerstdagen en ik was op zoek naar de Playboy foto’s van Tanja Jess. Belachelijke foto’s, waarop ze in allerlei rare tuigjes aan dakgoten hing, maar daar gaat het niet om. Toen ik ze eenmaal gevonden en bekeken had bleef ik even hangen. Op mokkels.nl staan namelijk niet alleen foto’s. Het is een forum, dus er kan ook van gedachten gewisseld worden. ‘Ja ja’, hoor ik u denken, ‘Viespeukerij en vrouwonterende fantasieën’, maar dan moet ik u teleurstellen. Het is een ontzettend lieve site. Dusdanig lief zelfs, dat hij verslavend werkt. Lees meer… »

Assistente

Mijn huisarts heeft een nieuwe assistente. Dat viel mij nogal rauw op mijn dak. Zoals iedereen ga ik niet graag naar de huisarts en als je dan toch moet kom je niet graag voor verrassingen te staan. De nieuwe assistente was een verrassing. Mijn huisarts heeft geen nieuwsbrief, dus ik wist van niks. Ik vraag me af of er huisartsen zijn die wél een nieuwsbrief hebben. En wat daar dan in staat.
Afijn. De nieuwe assistente schoof het schuifraam opzij en keek me stralend aan. Het is een lekker wijf. Dat zul je altijd zien. Lekkere wijven hebben de neiging om nét op die plekken op te duiken waar je ze niet gebruiken kunt. Bij mijn orthodontist bijvoorbeeld werkten, ik zweer het u, alleen maar lekkere wijven. Er is niks vernederender dan achterover in een stoel liggen met klemmen in je bek terwijl een heel erg mooi meisje met een tang staaldraad rondom je kiezen zit aan te schroeven, onderwijl kletsend met haar collega’s over, jawel, jongens. Lees meer… »

Prijsvraag

Laatst zat ik in de droomvlucht met Paul de Leeuw. Ik was in mijn eentje naar de Efteling gegaan. Dat is een beetje raar, dat begrijp ik best, maar ik had een prijsvraag gewonnen. Die stond in een tijdschrift voor mensen met het syndroom van down, gevonden in de wachtkamer van de huisarts. Een afbeelding van een schaduw en dan moest je raden om welk dier het ging. Nou, dat was een olifant, dat zag elke idioot.

Bij de entree nam ik een button met ‘Winnaar’ erop en een argwanende blik in ontvangst en koerste rechtstreeks naar de Droomvlucht, want waarvoor ga je anders naar de Efteling? De rij was lang en het regende een beetje. Ik sloot aan en niet lang daarna, achter mij, Paul de Leeuw. Ik negeerde hem en we schuifelden zwijgzaam voorwaarts. Lees meer… »

Ook maar een mens

Deze column werd live voorgedragen tijdens de Festival Boulevard Talkshow
in de Keulse Kar

Op een vreemde manier hoort Guido een beetje bij Festival Boulevard. Niemand weet waar hij de rest van het jaar uithangt, maar als de eerste paal op de parade in de grond wordt geslagen gaat er ergens een putdeksel omhoog en komt Guido tevoorschijn. Eerst zijn petje, dan zijn giftige, heen en weer spiedende ogen, dan zijn borstelsnor, en daarna de rest. Als laatste trekt hij een Albert Heijn tas vol lauwe blikken pilsener naar boven.

Niemand vraagt hem waar hij al die tijd heeft uitgehangen. En Guido vertelt het ook niet. Of nu ja, soms brult hij ineens heel hard en ongevraagd in iemands gezicht: ‘IK BEN GEEN ZWERVER! IK HEB GEWOON EEN HUIS!’
Dat vind ik jammer. Het pelt een laagje mysterie van Guido af. Dat mysterie is wel een beetje waar hij het van moet hebben.
Zo nu en dan is Guido in een goede bui. Dan biedt hij je een slokje lauw bier aan in ruil voor het aanhoren van zijn verhaal.
Niemand wil het verhaal, en niemand wil het slokje. Lees meer… »