zoalsdewaardis

WEBSITE EN BLOG VAN LUCAS DE WAARD, SCHRIJVER

Zevenhonderd miljoen

Deze column werd live voorgedragen tijdens het Brabants Dagblad nieuwscafé
in de Verkadefabriek

‘We kunnen het niet vaak genoeg zeggen. De gemeente Den Bosch heeft zevenhonderd miljoen verspild! Ze-ven-hon-derd miljoen!
Door de plee getrokken. In de Zuidwillemsvaart gekieperd. Met kruiwagens tegelijk richting allerlei zinloze initiatieven gedragen waar u en ik helemaal niets aan hebben. Een kapotte parkeergarage mee gebouwd. Gratis meegegeven aan museumdirecteuren met zotte plannen en andere charlatans die nu thuis op hun gloednieuwe divan sigaren liggen aan te steken met briefjes van honderd!

En dat terwijl ze dat geld ook gewoon terug hadden kunnen geven aan ons, aan u en mij; hardwerkende, godvrezende burgers! Dan hadden wij de komende jaren tenminste eten en medicijnen kunnen kopen voor onze langzaam wegterende kinderen. Dan hadden we eindelijk de gaten in onze daken kunnen laten repareren, zodat het niet meer de hele tijd naar binnen regent.

Maar nee, burgemeester Rombouts moest zo nodig Sinterklaas gaan lopen spelen met onze pegels, en nu zitten we opgescheept met een uit bladgoud en ivoor opgetrokken muziekcentrum waar drie steenrijke rotkinderen een paar keer per week vioolles krijgen, en voor de rest geen reet gebeurt.
Nu hebben we een museumkwartier waar je zwijgend naar onbegrijpelijke aan de muur gespijkerde voorwerpen kunt staren, en tot overmaat van ramp krijgen we ook nog eens een nieuwe bibliotheek! Een bibliotheek!! Terwijl geen hond meer een boek leest. Lees meer… »

Ten Onder

Een column over geluk, in het kader van de tentoonstelling
‘Reinventing Happiness’,
in het Stedelijk Museum te ‘s-Hertogenbosch

‘Geluk, op een dag gaan we er allemaal aan ten onder’, mompelde een man die tegenover me was gaan zitten.
‘Ten onder?’, vroeg ik. Ik zat net vijf seconden, na een tamelijk lijvige lunch met onbegrijpelijke gefrituurde elementen, weer op mijn post en moest even tot mezelf komen. ‘Hoezo ten onder?’

De man kauwde ergens op.

‘We zoeken maar en we zoeken maar en het is nooit genoeg. Dat is wat het is’, zei hij. Hij keek me aan door zijn kleine ronde brilletje en trok een zuinig mondje. Jij ook, leek hij te willen zeggen. Jij bent ook zo’n krampachtige zoeker, zo’n rupsje-nooit-genoeg, met je rare museumblouse. Ik ging rechtop zitten. Lees meer… »

Alleen maar minder

Deze column werd live voorgedragen tijdens het Brabants Dagblad nieuwscafé
in de Verkadefabriek

Alles wordt alleen maar minder. Dat hoorde ik laatst ergens, het zal wel in de bus geweest zijn.
De bus nodigt uit tot zeuren. De stoeltjes zijn er hard en vies, het is altijd bloedheet of bitter koud en de rijstijl van de chauffeur doet illegaal verkregen papieren en een ontzettende kutjeugd vermoeden. Cynisme gedijt daar uitstekend.

‘Alles wordt alleen maar minder’. Dat is niet niks.
Misschien is het waar.
Vroeger was er heel erg veel geld en kochten we alles. Nu is het geld op en moeten we de helft weer teruggeven. Niet de essentiële, saaie dingen. Zo werkt het nooit.
Je sokken, die mag je houden. Die gameboy, die ben je kwijt.
Zodra het water aan de lippen staat is ‘leuk’ het eerste dat sneuvelt. Mooi, lief en fijn zijn de volgende slachtoffers. We zuigen het leven leeg zodat het betaalbaar wordt en daarna hebben we spijt omdat we ons vervelen.
We halen de broekriem aan, flikkeren alles waar we goede zin van krijgen overboord en gaan daarna lekker een paar jaar de zeurpiet uithangen. Leven als een monnik en daar dan over mekkeren; zo pakken wij de zaken graag aan als het even tegenzit. Lees meer… »

Weg (Verhaal van 100 woorden)

Daan keek op zaterdagochtend uit het raam en zag niemand. Geen wandelaars, geen fietsers, de wolken stonden stil en in de boom tegenover zijn huis zaten geen vogels. De stad was verlaten en leek op een foto.
Hij opende het raam.
‘Hela!’, riep hij, ‘Waar is iedereen?!’
Er ging een riooldeksel omhoog en een man stak zijn hoofd naar boven.
‘Weg!’
‘Waarom?’, vroeg Daan.
De man fronste.
‘Teleurgesteld, denk ik.’
Daan knikte terwijl de deksel terug op zijn plek zakte. Hij sloot zonder geluid het raam en dronk koffie. Daarna pakte hij zijn regenjas, ging de deur uit en verdween.

Gerard (Verhaal van 100 woorden)

‘Ik las laatst iets mafs’, zei Beert tegen zijn poes Gerard, die op dat moment een activiteit met een bolletje wol ontplooide, ‘Het schijnt dat 220 volt door je lijf een erectiestoornis kan oplossen’.
‘Mauw’, respondeerde Gerard.
‘Ik ben benieuwd of dat gewoon met een vork in de broodrooster kan’, vroeg Beert zich hardop af, grabbelend in de bestekbak.
‘Mauw’, zei Gerard, wat zoveel betekende als: ‘Nee, natuurlijk niet, idioot’.
Beert stak een vork in de broodrooster en stierf. Gerard schudde mismoedig zijn hoofd en dacht: hier is vast een spreekwoord voor, maar ik kom er zo gauw niet op.

Lekker nuchter

Achterhoekers zijn zo lekker nuchter. Dat hoor je wel eens. Ongeveer even vaak als: Amsterdammers zijn zo lekker direct. Of: wat zijn die Friezen toch heerlijk authentiek. We mogen graag benadrukken dat wij als land, ondanks het lullige oppervlak, enorm veel cultuurverschillen kennen. En dat dat ons ontzettend kleurrijk maakt.

Ik heb de achterhoeker Klaas-Jan Huntelaar eens bij 24 uur met… een etmaal lang lekker nuchter zien zitten wezen. Kortweg kwam dat neer op dat Klaas-Jan nergens over wilde praten. Want wat had je daar nou aan? Als het over het Nederlands elftal ging zei Klaas-Jan doodleuk dat hij met het WK in de spits zou staan. Iedereen wist dat dat niet waar was. Robin van Persie ging in de spits spelen, die is namelijk veel beter. Dat wist Klaas-Jan ook best, daarom heeft hij het hele toernooi lang (of kort, het is maar hoe je het bekijkt) lopen zeiken als een uitgehongerde poes. Maar erover praten, dat leek Klaas-Jan maar niks. Even later ging het over zijn dode opa. Ook geen goed gespreksonderwerp, vond Klaas-Jan. ‘Over emoties praten heeft geen zin?’, vroeg interviewer Wilfried de Jong. Nee, schudde Klaas-Jan, terwijl de tranen over zijn wangen biggelden. Lees meer… »

Bosbessenmuffin

Deze column werd live voorgedragen tijdens het Brabants Dagblad nieuwscafé
in de Verkadefabriek

‘Bibliotheken zijn een teken van be­schaving. Ze koesteren en bewaren wat is op­gebouwd en zijn een bron van verder denken. De bibliotheek moet terug naar de idealen van de verlichting, maar ook vernieuwen. Zij moet ouderwets en modern tegelijk zijn’.
Deze woorden zijn van Rob Bruijnzeels. Rob is actief voor het Ministerie van Ver­beelding, dat zich bezig houdt met de toe­komst van de bibliotheek.
‘Ouderwets en modern tegelijk’. De bibliotheek in Den Bosch doet alvast haar stinkende best.
Ze moet wel. Bezoekersaantallen dalen sneller dan de marktwaarde van Sylvie Meis en geen hond leent meer boeken.
Dat is de schuld van internet, zoals welbeschouwd vrijwel alle actuele ellende. Illegale downloads, terreurnetwerken, Poolse vrouwen verpatsen; het was allemaal niet mogelijk geweest zonder dat verdomde wereldwijde web. Goed, het heeft ons oneindige toegang tot vieze plaatjes gegeven, en dat is fijn, maar verder maakt het vooral slachtoffers. Zoals de bibliotheken. Lees meer… »

Rukken anno nu (verhaal van 100 woorden)

‘Wat is er toch een boel porno’, zuchtte Wiebe tegen niemand in het bijzonder.
Hij zat achter zijn computer met zijn broek op zijn enkels en klikte geïrriteerd in het rond.
Vastgebonden oma’s, gepenetreerde lilliputters en geestelijk gehandicapten met voorbinddildo’s passeerden de revue, maar Wiebe werd er niet geil van.
‘Het is gewoon niet freaky genoeg!’, gilde hij, ‘Niet freaky genoeg!’, en hij sloeg op zijn toetsenbord. Hierdoor typte hij per ongeluk: ‘Orale seks met bunzing in vastzittende lift’.
Google trakteerde hem op tweehonderdzevenendertig hits.
‘Kijk’, zei Wiebe terwijl hij zijn masturbatiemuts met belletjes opzette, ‘Dat is het betere werk.’

Altijd Carnaval

Deze column werd live voorgedragen tijdens het Brabants Dagblad nieuwscafé
in de Verkadefabriek

In Den Bosch is het drie dagen per jaar carnaval. Althans, op papier. In werkelijkheid is het in Den Bosch op sommige plekken altijd carnaval, behalve dan misschien tijdens dodenherdenking.
Ik woon in het centrum, en tijdens avondwandelingen kun je het hele jaar door uit menig achterzaaltje ambitieus getoeter horen. De carnavalsbands repeteren.
Soms gaan ze ook de straat op, voor wat broodnodig veldwerk. Dan zwaait er zomaar ergens een deur open en is er ineens sprake van twintig blaasinstrumenten, boerenkielen en pils.
Dat, in combinatie met de steeds uitgebreidere viering van de 11e van de 11e (een soort pre-party, in november), maakt dat er nu stemmen opgaan voor minder Oeteldonk per vierkante meter. Stemmen die zeggen dat carnaval tijdens carnaval gevierd moet worden, en niet iedere keer als er ergens een klok elf uur slaat. Mensen die, zogezegd, Oeteldonkmoe zijn.

Ikzelf ben driehonderdtweeënzestig dagen per jaar Oeteldonkmoe. Direct na de laatste carnavalsdag, waarop ik dapper hossend om de vijf minuten binnensmonds heb staan overgeven, moet ik er een heel jaar lang niet meer aan denken. Lees meer… »

Storm (verhaal van 100 woorden)

‘Het stormt!’, riepen Jippie en Beertje, ‘Mogen we buiten spelen?’
Ze duwden hun neuzen tegen het raam.
‘Nee’, zei moeder, ‘Dat is levensgevaarlijk’.
Mokkend gingen Jippie en Beertje op de bank zitten. Toen schrokken ze op van een bulderend geluid. Een woeste windvlaag trok hun huis uit de grond en sleurde het mee, een gitzwarte wervelwind in. Alles werd donker.
Toen de storm luwde waren ze niet langer in Heeswijk-Dinther, maar in een felgekleurd toverlandschap onder een grote regenboog. De voordeur zwaaide open.
‘Hallo!’, zei een vrolijke knaap, ‘Welkom in Oz. Ik ben Jamai Loman!’
Moeder fronste.
‘Homo!’, riep Beertje.

Winnaar (verhaal van 100 woorden)

Siert zat onder de keukentafel te wanhopen. Hij wist zelf ook niet precies waarom; soms overviel het hem, als een lokale regenbui.
Op doktersadvies schransde hij elke ochtend een pakje bètablokkers leeg, maar het hielp geen zier.
Omdat ik gelijk heb, dacht Siert. Omdat er stiekem iets afschuwelijks staat te gebeuren.
De bel ging. Daar zul je het hebben, dacht Siert. Zwetend gluurde hij door de brievenbus.
Voor de deur stond Winston Gerschtanowitz.
‘Ga weg!’, gilde Siert.
‘Maar u bent een winnaar!’, riep Winston.
Winnaar me reet, dacht Siert, en hij verstopte zich in de kelder met een pak stroopwafels.

Afscheidsfeestje

Deze column werd live voorgedragen op de ‘Avond van de Goede Smaak’,
Studium Generale Eindhoven

De Avond van de Smaak. Leuk initiatief. Een soort afscheidsfeestje. Smaak is de eregast en gaat na vanavond een paar jaar naar Australië. Of lekker zichzelf ontdekken in India. Smaak gaat verhuizen en wij mogen niet mee. Dat hebben we zelf zo gewild.

Het woord ‘smaak’, doet me denken aan tijden waarin er over te twisten viel.  Dat dat kon en mocht. Lekker de glazen nog eens volschenken en een avondje doorbomen over wat nu eigenlijk de grootste kutplaat van UB40 is.
Samen het complete film-oeuvre van Michael Bay doorzagen.
Hardop roepen dat ‘Komt een vrouw bij de dokter’ gewoon een vreselijk slecht geschreven prul is, zonder meteen een gezinsverpakking Bon Bon Bloc naar je kop geslingerd te krijgen.
Vervlogen tijden, waarin goede smaak nog van slechte smaak onderscheiden mocht worden en het je niet steevast op het afschuwelijke ‘Ja, da’s jouw mening’ kwam te staan. Want dat is natuurlijk de hele reden dat we in zo’n vreselijk smakeloos tijdsgewricht leven. Meningen. Ze tellen tegenwoordig allemaal. Onze maatschappij is een enorme ijssalon geworden en niemand mag nog beweren dat pistache-ijs gewoon het lekkerst is, en dat mensen die vanille nemen niet goed bij hun hoofd zijn. Lees meer… »

Volkoren Whoppers

Verscheen eerder op The Post Online

Ze verkopen tegenwoordig volkoren Whoppers bij Burger King. Nu kun je zeggen: prima, ieder zijn smaak. Maar dat is natuurlijk niet waar. Volkoren Whoppers zijn vies. Dat komt omdat ze het hele concept van de Whopper onderuit schoffelen.
Een Whopper is een druipend sponsbroodje met zompige kaas, nat vlees en heel veel saus. Voeg daar ineens iets gezonds aan toe en het hele idee is naar de knoppen. Zo’n volkorenbroodje absorbeert bovendien die kleffe derrie helemaal niet goed, en is dusdanig dominant van smaak dat ineens opvalt hoe smakeloos de rest is. En waarom? Voor wie?
Als je iets gezonds wil eten, koop dan geen Whopper! Voor mensen die geen Whoppers lusten zijn linzen uitgevonden. Lees meer… »

Neger (verhaal van 100 woorden)

Jochems Audi kwam met piepende banden tot stilstand. Agent Terrence, die het stopsignaal had gegeven, tikte tegen het raampje.
‘Weet u hoe hard u reed?’
‘Racist, je houdt me alleen maar aan omdat ik een neger ben!’, riep Jochem kwaad. Agent Terrence fronste zijn gitzwarte wenkbrauwen.
‘Jij bent helemaal geen neger.’
‘Niet?’, vroeg Jochem.
‘Nee,’ zei Terrence, ‘ík ben een neger’.
‘O’. Jochem trommelde wat op het stuur, ‘Misschien heb ik het woord “neger” dan niet helemaal goed begrepen’.
‘Dat denk ik ook’, zei Terrence.
‘Het spijt me.’
‘Geeft niet’. Terrence tikte tegen zijn pet en Jochem reed zachtjes huilend verder.

Rolstoel (verhaal van 100 woorden)

Koert zat in een rolstoel. Tien jaar geleden, op zijn twaalfde verjaardag, was er een huifkar over zijn benen gereden. Inmiddels was hij vergeten hoe lopen voelde.
Soms, als Koert met de bus van hier naar daar reisde, activeerde hij de navigatie-app op zijn telefoon en selecteerde de wandelroute. Hij keek dan hoe het blauwe pijltje paniekerig probeerde het tempo bij te houden en in de vrouwenstem die haperde bij de zoveelste ‘sla hier linksaf’ hoorde hij verbijstering; dit is onmogelijk! Niemand kan zo snel lopen!
Dan grijnsde Koert, streelde hij zijn rubberen banden en zei hij zachtjes: ‘Ik wel’.